Zeg het op z’n corona’s

30 april 2020

In crisistijden slaat de schrik je om het hart. En waar het hart van vol is, loopt de mond van over. Logisch dus dat er de laatste weken een karrenvracht nieuwe coronawoorden opdook. Sommige grappig, andere spitsvondig: van anderhalvemeteren tot zwaaibezoek. Genoeg voor een specifiek coronawoordenboek. Maar willen ze ook in de Dikke Van Dale komen, dan moeten ze nog twee jaar geregeld blijven opduiken. Hm, hopelijk is dat niet nodig!

 

Aap, noot, mies … aagghhh … het woordplankje. We doen héél veel moeite om kinderen een rijke woordenschat bij te brengen. Maar waarom eigenlijk? Tja, iemand die zich perfect verstaanbaar kan maken, vergroot zijn succeskansen in het verdere leven. Hoe beter je de (vak)taal spreekt, hoe hoger je in de boom kan klimmen. Taal is functioneel. Het is de veruitwendiging van een complex ideeënbouwsel. Komen er nieuwe ideeën of concepten? Dan heb je dus ook nieuwe woorden als conceptbenaming nodig. Daarom is elke crisis een toptijd voor taalontwikkeling. Dat is dan weer het voordeel van het coronanadeel.

Ga jij eens effe aan de kant

In deze bange coronadagen klampen we ons vast aan de strohalm die ‘afstand’ biedt. Zolang we maar bij elkaar uit de buurt blijven, kan het virus niet ‘overspringen’. Zo ontstond de anderhalvemetereconomie: mooi achter het lijntje aan de kassa wachten bijvoorbeeld. Maar ook het afstandsgesprek, waarbij de gesprekspartners onderling anderhalve meter afstand bewaren. Een variant daarop is de raamvisite: op bezoek gaan met een raam ertussen. We zijn massaal gaan beeldborrelen of whatsaperitieven met lekkere locktails of heerlijke quarantini’sshaken, not stirred zo je wil. :-) 

Onze helden: wit is altijd schoon

Niet alle helden dragen een cape. De zorgverleners dragen (professionele) mondmaskers, die intussen gelukkig iets gemakkelijker beschikbaar zijn. Overal organiseren buurtbewoners huldemomenten met zorgapplaus voor de zorghelden – in eerste instantie de zorgverleners in de medische wereld. Die balkonsolidariteit, dat hart onder de riem: zo hartverwarmend om vast te stellen.

Vind het Jommeke in jezelf

Haar groeit, ook tijdens een crisis. En als je dan niet bij een kapper terechtkan, wil je wel eens zelf aan een coupe corona beginnen. Al leidt dat meestal tot een haarakiri. Troost je dan met de gedachte dat Jommeke met een vergelijkbaar kapsel alsnog een bijzonder mooie carrière wist uit te bouwen. Ben je echt niet om aan te zien? Hul je dan in een lichaamscondoom – je weet wel, zo een isolatiepak. Trek een fancy mondmasker aan. En zet een masker op. Zo kan je toch nog in het openbaar op je balkon verschijnen. Dat kan in de vorm van een muzikale balkonnade, een uitdagende balkonquiz of een revitaliserende portie balkongym.

Rij maar an, Corona, rij maar an

Ton den Boon is de hoofdredacteur van de Dikke Van Dale: "In het beste geval houden we 10 of 15 van die nieuwe coronawoorden over." Voor ze in Van Dale komen, moeten ze nog twee jaar frequent in onze dagelijkse taal opduiken. En omdat taal een functioneel geheel is, verdwijnen woorden samen met de noodzaak om iets te benoemen. Dus … laten we voor onszelf even hopen dat Johan De Caluwe van de UGent gelijk heeft: "De grafiek van nieuwe coronawoorden piekt even scherp als het aantal vastgestelde gevallen. En dooft waarschijnlijk even geleidelijk uit, als we de crisis te boven zijn gekomen."

ElaN blijft dichtbij … eh … tot op 1,5 meter  

Wat je tijdens de crisis of erna ook wil zeggen, in eender welke taal: ElaN blijft bereikbaar. Zo blijf je zeker dat jouw boodschap helder en in niet mis te verstane woorden bij je lezer arriveert. Ideaal om fijne reacties van jouw klanten te hamsteren.